Johannes Martinus (‘Jan’) Vrolijk

1846 – Den Haag – 1894

Jan Vrolijk werd geboren als de twaalf jaar jongere broer van schilder Adrianus Vrolijk.Toen Jan vroeg of hij het ook eens mocht proberen, was Adriaan graag bereid om zijn kleine broertje de beginselen van het vak te leren. Helaas konden zij hun beider passie niet lang delen, want Andriaan kwam slechts op 28-jarige leeftijd te overlijden. Jan liet de moed echter niet zakken en meldde zich aan bij de Haagse Academie van Beeldende Kunsten. In diezelfde tijd maakte maakte hij kennis met veeschilder Pieter Stortenbeker, die hem onder zijn hoede nam. Evenals zijn leermeester legde Jan Vrolijk zich toe op het schilderen van landschappen met vee.

Jan Vrolijk woonde zijn hele leven in Den Haag, aan het Noordeinde nummer 103. In 1883 trad Jan Vrolijk in het huwelijk met Maria Kruijt, met wie hij samen vier kinderen kreeg. Slechts eenmaal maakte hij een studiereis, in zijn jongere jaren, naar het Gelderse Oosterbeek. Daar was hij vanwege zijn zonnige humeur een graag geziene gast. In Den Haag was Vrolijk lid van van Pulchri Studio, waar hij ook in het bestuur terecht kwam als Commissaris Kunstbeschouwingen), en was daarnaast ook lid van Nieuwe of Littéraire Sociëteit ‘De Witte‘. Hij was bevriend met een grote schare kunstenaars, onder wie Willem Maris, met wie hij ook uit schilderen ging.

Vrolijk had een atelierruimte maar werkte het liefst in de buitenlucht. Hij was werkelijk verknocht aan het typische Hollandse weidelandschap met koeien. Daarvoor hoefde hij niet ver te reizen: Vrolijk bleef vooral in zijn eigen omgeving rondom Den Haag, Gouda, Stompwijk, Veur, Zoetermeer, Leidschendam en Rijswijk. In zijn eigen stad was bovendien ook het meesterwerk, de Stier van Paulus Potter te bewonderen. Zoals de meeste schilders uit zijn tijd werkte Vrolijk voornamelijk in olieverf. Maar daarnaast was hij ook een begenadigd aquarellist, tekenaar en etser. Het Rijksmuseum in Amsterdam een groot aantal etsen van zijn hand.

Tot zijn klanten mocht Vrolijk niemand minder dan Koning Willem III rekenen, die hem in 1888 ook nog eens ridderde in de Orde van de Eikenkroon. Maar niet alleen de Hollandse verzamelaars wist zijn werk te waarderen. In 1874 won Vrolijk op de internationale tentoonstelling te Londen een bronzen medaille en later volgen onder meer een gouden medaille op de tentoonstelling te Berlijn. Toen Vrolijk voor de eerste keer in Brussel exposeerde werd hij door de Société Royale Belge des aquarellistes direct tot erelid benoemd en kocht ook de Koningin van Saksen een aquarel van hem aan. Op de wereldtentoonstelling van Chicago was een deel van zijn werk reeds bij aanvang al verkocht. En ook in de jaren die volgden, bleef de kunstenaar diverse bestellingen van Amerikaanse en andere buitenlandse klanten ontvangen. Zoveel, uiteindelijk, dat bij het einde van zijn leven het merendeel van zijn oeuvre in het buitenland is beland. Jan Vrolijk overleed op slechts 48-jarige leeftijd na een kort ziektebed.

In 2002 organiseerde De Mesdag Collectie de tentoonstelling met bijbehorende publicatie: ‘Loeiend goed de koeien van Jan Vrolijk (1845-1984), een vergeten meester van de Haagse school’.

Schilderijen van Jan Vrolijk in de collectie van Kunsthandel Bies:

Geitje in een zomers landschap

Wij maken op deze website gebruik van functionele cookies en cookies voor anonieme gebruikersstatistieken. Wij gebruiken geen cookies voor marketingdoeleinden. Meer informatie

Deze website gebruikt alleen functionele cookies en cookies om anonieme gebruikersstatistieken te kunnen inzien. Voor de gebruikersstatistieken gebruiken wij Google Analytics, privacyvriendelijk ingesteld volgens de richtlijnen van de Autoriteit Persoonsgegevens.

Sluiten